Begroting 2021

Financiële begroting

Financiële positie

Algemene uitkering

De raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is gebaseerd op de door het ministerie van Binnenlandse Zaken opgestelde meicirculaire gemeentefonds van 29 mei 2020. In deze circulaire wordt een beeld geschetst van de ontwikkelingen van de algemene uitkering voor de jaren 2020 tot en met 2024, gebaseerd op de voorjaarsbesluitvorming van het Rijk.

Baten

De raming van de algemene uitkering, gebaseerd op het prijspeil 2021, is € 298,068 miljoen.

Genoemd bedrag is inclusief verdeelreserve en integratie- en doeluitkeringen (zoals Beschermd wonen, Voogdij 18+, participatie, etc.) die via de algemene uitkering binnenkomen, maar exclusief een inschatting van het BTW-compensatiefonds. Op basis van de realisatiecijfers over 2019 is in de begroting 2021 een stelpost opgenomen van € 0,7 miljoen. Dit is € 0,3 miljoen meer dan in de begroting 2020.

Ontwikkeling

De algemene uitkering stijgt in 2021 met € 1,4 miljoen ten opzichte van de begroting 2020 na wijziging. Hiervan wordt -/- € 3,7 miljoen toegeschreven aan specifieke tegenposten, € 5,1 miljoen heeft geen specifieke tegenpost. Hiervoor kan onderstaande verklaring worden gegeven (bedragen x € 1 miljoen):

Omschrijving

Bedrag

Accres

7,5

Ontwikkeling basisgegevens/uitkeringsbasis

-2,1

BTW compensatiefonds

0,3

Opschalingskorting

0,3

Overig

-0,1

5,9

Reeds opgenomen in meerjarenbegroting 2021-2023

-0,8

Totaal

5,1

Accres

De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens de normeringssystematiek (trap op, trap af) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van de algemene uitkering. De jaarlijkse toename of afname van de algemene uitkering, voortvloeiend uit de normeringssystematiek, wordt het accres genoemd.
Het accres 2021 laat ten opzichte van de begroting 2020 na wijziging een voordelig effect zien van € 7,5 miljoen.
Het accres is als gevolg van de Coronacrisis bevroren, dat wil zeggen dat het Rijk het niet heeft aangepast naar actuele gegevens. Het nu bepaalde accres is hiermee, in tegenstelling tot voorgaande jaren, een redelijk vaststaand gegeven. Voor de jaren na 2022 heeft het Rijk nog geen uitsluitsel gegeven.

Ontwikkeling basisgegevens/uitkeringsbasis

Lokale ontwikkelingen (bijvoorbeeld hogere opbrengsten van de onroerendezaakbelasting) hebben rechtstreeks effect op de hoogte van de algemene uitkering. Landelijke effecten worden via de uitkeringsfactor verrekend. Per saldo zijn de effecten van de lokale en landelijke ontwikkelingen € 2,1 miljoen nadelig. Een belangrijke verklaring voor dit nadeel is de actualisatie van een aantal maatstaven waarbij het medicijngebruik een rol speelt.

BTW compensatiefonds

Gemeenten kunnen betaalde BTW declareren bij het BCF. Hiervoor geldt sinds enkele jaren wel een plafond. Blijven de declaraties in enig jaar onder het plafond, dan leidt dat tot een voeding van het gemeentefonds met het verschil. Overschrijden de declaraties dat plafond dan leidt dat tot een uitname uit het gemeentefonds.
In de septembercirculaire wordt het bedrag van de ruimte voor het lopende jaar berekend, in de meicirculaire volgt de afrekening. In 2019 was de ruimte € 112,4 miljoen, iets hoger dan in eerdere circulaires was geschat.
Voor de begroting 2021 wordt geadviseerd rekening te houden met een maximale ruimte van landelijk € 112,4 miljoen. Wij conformeren ons aan dit advies. Structureel leidt dit tot een voordeel van € 0,3 miljoen.

Opschalingskorting

Het vorige kabinet heeft een uitname van het gemeentefonds opgenomen in verband met lagere apparaatskosten van gemeenten. Dit was ingegeven door het feit dat schaalvergroting van gemeenten zou plaatsvinden en daardoor de apparaatskosten zouden dalen. De verplichting tot schaalvergroting is komen te vervallen. De bezuiniging is echter wel blijven staan.
Dus elk jaar tot en met 2025 krijgen we hiervoor een extra taakstelling, in 2021 bedraagt deze € 0,8 miljoen, waarvan conform de geldende afspraken € 0,3 miljoen aan het sociale domein wordt toegerekend. Budgettair resteert daardoor een nadeel van € 0,5 miljoen.
In de meerjarenbegroting 2021-2023 hadden we deze post al voor € 0,8 miljoen voorzien.

Overige mutaties (o.a. verdeelreserve)

Een gedeelte van de algemene uitkering wordt door het Rijk niet direct aan de gemeenten uitgekeerd, maar als reservering apart gehouden. In deze begroting hebben wij de verdeelreserve 2021 wel als inkomst meegenomen.
Per saldo leiden de overige mutaties tot een voordeel van € 0,2 miljoen.

Taakmutaties

De belangrijkste taakmutaties zijn als volgt (bedragen x € 1 miljoen):

Taak

Bedrag

Sociaal domein: WMO

2,9

Sociaal domein: Beschermd Wonen

-5,5

Sociaal domein: Jeugdzorg

0,2

Sociaal domein: Participatie

0,2

Sociaal domein: transformatiebudget

- 1,2

Overig

- 0,3

Totaal

- 3,7

Voor Beschermd wonen is het landelijk macrobudget verlaagd omdat de Wet Langdurige Zorg voortaan is opengesteld voor mensen met een psychische stoornis. Het geld hiervoor is overgeheveld vanuit de middelen voor beschermd wonen.

Deze pagina is gebouwd op 10/07/2020 10:03:24 met de export van 10/07/2020 09:52:43